Uitleg
Leg je horloge plat, met de kleine (uren)wijzer naar de zon gericht. Denk een lijn tussen de kleine wijzer en het cijfer 12 (in de zomertijd: het cijfer 1). Deel de hoek tussen deze lijn en de kleine wijzer doormidden — die deellijn wijst op het noordelijk halfrond naar het zuiden. Het noorden vind je dan gewoon aan de tegenovergestelde kant.