vermenigvuldig hulpje

Uitleg

Als je een getal van twee cijfers moet vermenigvuldigen met 11: tel de twee cijfers bij elkaar op en plaats die som tussen de twee cijfers.

Bijvoorbeeld: 15 × 11 → 1+5=6 → plaats de 6 tussen de 1 en de 5 → 165.

Let op: is de som van de cijfers 10 of meer, dan moet je overdragen. Bijvoorbeeld: 37 × 11 → 3+7=10, dat past niet tussen de cijfers, dus draag de 1 over naar het eerste cijfer: 3+1=4, gevolgd door de 0 en de 7 → 407.

Alternatieven

  • Voor de tafel van elf specifiek (11×11 t/m 11×19) kun je ook gewoon de eenheid van het tweede getal bij het eerste cijfer optellen: 11×11=121 (1+1=2, dus "1 2 1"), 11×12=132 (1+2=3, dus "1 3 2"), enzovoort t/m 11×19=209 (1+9=10, dus overdracht: "2 0 9").